• Nederlands
  • Engels
  • Duits
Crisis call: +31 (0)26 372 0871
Wisse Kommunikatie Wisse Kommunikatie
Crisis call: +31 (0)26 372 0871
Nieuws

Tien schrijftips die je wollige teksten scheren

Blog

Je bedoelt het zo goed met je tekst. Een pakkend onderwerp, een mooi frame en een tekst die de doelgroep raakt. Tot je hem terugkrijgt: te wollig. Ik, wollig? En wat betekent een wollige tekst eigenlijk? Niet to the point. Vol vaktaal. Heel omslachtig geschreven.

Serieus, is hier iemand die hier een sluitende definitie voor heeft? Want wie bepaalt wat to the point is voor de lezer? En wat iemand omslachtig vindt? In jouw hoofd klinkt het namelijk als een normale ABN-zin…

Hoe dan ook: met deze trucs kan je je tekst zo schrijven of redigeren dat je boodschap kort en krachtig overkomt.

1. Niet meteen schrijven

Begin niet meteen met schrijven, maar maak eerst voor jezelf helder wat je wilt overbrengen. Je gaat toch ook niet zonder boodschappenlijstje naar de supermarkt? Gebruik het message house om de kern van je boodschap neer te zetten. Zo voorkom je dat je er midden in je verhaal ook nog andere invalshoeken, data en cijfers bij gaat halen, die niet binnen het huis (de kern) van je content passen.

 

Message house
Met het message house wordt een boodschap concreet én onderbouwd. Klik op de afbeelding voor een vergrote versie.

Message house

Een message house is een grafische weergave van een communicatieboodschap. De hoofdboodschap vormt het dak, en daaronder staan drie “sub-boodschappen” (bewijzen) die de hoofdboodschap ondersteunen Het doel van een message house is te zorgen dat je consistentie in je tekst krijgt. Door aan het begin aan te geven wat je belangrijkste boodschap is blijf je kort en helder. De drie ondersteunende boodschappen zorgen ervoor dat je boodschap voldoende onderbouwd is.

 

2. Bepaal wie je lezer is

Wat veel mensen doen, is schrijven vanuit zichzelf. Ze willen hún kennis overbrengen en hún voorbeelden geven. Maar wat heeft jouw lezer eraan? Om die vraag te beantwoorden, moet je eerst weten wie jouw lezer is. Wat weet hij al? Welke rol heeft hij? Leest hij liever kortere, pakkende teksten of de lange, diepgaande inhoud? En wat moet de lezer na het lezen van jouw tekst doen?

Voorbeeld:

In de praktijk waren het vooral de inwoners van de Zuidelijke provincies die geconfronteerd werden met verregaande veranderingen. Tijdens het colloquium zal aandacht worden besteed aan hoe dit alles door de Waalse en Luxemburgse bevolking, die zich nu in de periferie van het nieuwe vaderland bevond, gepercipieerd werd. Ook zal worden nagegaan of er in tegengestelde richting – én vanuit het buitenland – eveneens een proces van beeldvorming op gang kwam ten aanzien van de Frans- en Duitstalige gebieden en welke thema’s hierin een rol speelden. Deelnemers aan het colloquium worden verzocht zich tegen uiterlijk 9 november 2012 aan te melden bij [mailadres] en te bevestigen of ze wensen deel te nemen aan de broodjeslunch.

Deze tekst staat letterlijk als uitnodiging voor een groepsgesprek op een website. Zelfs als ik een Neerlandicus met interesse in de Nederlandse geschiedenis was, zou ik niet warm worden van deze tekst.

Grote kans dat jij je ook afvroeg voor wie dit eigenlijk is, en waarom ze woorden gebruiken als colloquium en gepercipieerd.

En wat moet ik met deze tekst? Ik weet nu nog niet waarom ik mijzelf voor het colloquium zou aanmelden. Tegenwoordig willen we to-the-point teksten en direct begrijpen wat wij als lezer ergens aan hebben. Een aantal tips en overwegingen om de verbinding met je doelgroep te maken:

  • Je doelgroep heeft niets te maken met jouw beleid. Schrijf dus niet over de organisatie, maar over wat je je doelgroep kunt bieden
  • Je doelgroep hoort vaktaal niet dagelijks voorbijkomen
  • Je doelgroep heeft niets aan een boodschap zonder herkenning. Je lezer stelt zich altijd de vraag “What’s in it for me?”
  • Idealiter wil je de lezer meenemen in je doel: de tekst delen, zich hier meer in verdiepen of zich ergens voor aanmelden. Dit komt nu vrij laat in de tekst en wordt ook vrij omslachtig omschreven.

De aansluiting met de lezer kun je makkelijk checken. Hoeveel ik, we’s, onze’s en organisatienamen staan in de tekst? Probeer (waar het kan) deze te vervangen door je, jij, jouw of u.

 

3. Schrijven, schrijven, schrijven

Dit mag op allerlei manieren. De één schrijft betere zinnen met steekwoorden die uiteindelijk zinnen vormen, de ander schrijft zijn tekst liever direct uit. Dit maakt niet uit. Als je je tekst tijdens het schrijven maar naast het message house legt en je afvraagt of hetgeen je schrijft ook nog in je concept past.

 

4. Leg je tekst weg

Vaak willen we de taak die we in ons hoofd hebben ook meteen afmaken.. Dit is menselijk. Maar neem daarna een paar uur pauze voordat je je tekst écht af hebt. Focus op een andere taak. Ga even je huis uit voor een flinke wandeling. Of plan een lunchafspraak of belafspraak over een ander project. Kom na een paar uur terug met een frisse blik om te schrappen.

 

5. Lees je tekst achterstevoren

Voordat je je weer op de inhoud stort, is het handig om nog een korte spellingscontrole te doen. Dt- en typefoutjes sluipen er zo in. Door je tekst achterstevoren te lezen, voorkom je dat je de inhoud leest en blijf je gefocust op de woorden.

 

6. Voorleestijd

Lees (een deel van je) tekst voor aan je collega die niet bij het onderwerp van je tekst is betrokken. Snapt hij de tekst? Dat is alvast een aanwijzing dat je op de goede weg bent. Als het goed is, lopen de zinnen lekker als je voorleest. Zo niet, dan zijn ze te lang. Korte teksten blijven beter hangen en zijn gemakkelijker te onthouden.

Of spreek je teksten in op je dictafoon. Laat je omgeving hiernaar luisteren of luister zelf. Val jij in slaap? Schrappen!

 

7. Kill your past tence

Geen kill your darlings, want als de tekst binnen je message house en binnen de belevingswereld van jouw lezer valt, is dit nergens voor nodig. Maar wel: Kill your past tence. Schrijf in het nu. Het is zo verleidelijk om in de voltooide tijd te praten. Maar dit is altijd minder interessant voor je lezer. Het verleden is het verleden. Vandaag is interessant en relevant!

 

8. Gooi wat spanning in je tekst

Met concrete voorbeelden heeft jouw lezer een veel beter beeld bij jouw tekst. Kwaliteit staat voorop, onze klanten zijn koning… Leuk, (of eerder irritant), die clichés, maar wat betekenen ze binnen jouw tekst? Verzin een situatie waarbij het cliché echt tot uiting kwam in jouw bedrijf. Lever je creatieve oplossingen? Vertel dan over het out-of-the-box idee voor die laatste klant!

 

9. Kom gelijk binnen

Kijk ook even naar de structuur van je tekst. Waar hebben we geleerd dat schrijvers lezers altijd minstens een alinea moeten inleiden? Er is geen lezer die klaagt als de belangrijkste boodschap in je eerste alinea staat. Kijk maar naar jezelf. Als jij iets moet terugbetalen, lees jij dat liever aan het einde van de mail, of direct? Of stel dat er een afspraak voor je gepland is. Die wil je ook boven aan de mail terug zien. Scheelt jou weer lezen.

 

10. Wollige woorden: scheer ze weg!

Zo. Nu heb je al aardig wat concrete handvatten. Scheer bij je laatste check deze wollige woorden en uitdrukkingen alsjeblieft nog even weg:

  • Naar aanleiding van
  • Volgens onze administratie
  • In het kader van
  • Aangaande
  • Hieromtrent
  • Wellicht
  • Ten gevolge van
  • Het gebeuren
  • Dimensie
  • Het antwoord schuldig blijven / geen duidelijkheid verstrekken
  • Eigenlijk
  • Niet onwaarschijnlijk
  • Schijnbaar
  • Door middel van
  • Met andere woorden
  • Ik wil benadrukken….

 

Goede teksten schrijven kost tijd en moeite. Maar: met goede teksten behaal je je doel. Heb je die tijd niet, laat je tekst dan gerust door Wisse schrijven. Wisse schrijft je blogs, nieuwsbrieven en whitepapers wollig-proof! Jouw nieuwsbrief open-rates, aantal downloads en lezersaantal zullen je dankbaar zijn.