• nl
  • en
  • de
Crisis call: +31 (0)26 372 0871
Wisse Kommunikatie Wisse Kommunikatie
Crisis call: +31 (0)26 372 0871
Persberichten

Copernicus Atmosphere Monitoring Service signaleert meer dan 100 natuurbranden van uitzonderlijke omvang en duur in de Noordpoolregio

De afgelopen weken woedde er een uitzonderlijk groot aantal natuurbranden binnen de poolcirkel, die gezamenlijk 50 megaton aan koolstofdioxide in de atmosfeer brachten. De Copernicus Atmosphere Monitoring Service (CAMS) laat zien hoe het dergelijke gebeurtenissen volgt en monitort.

De Copernicus Atmosphere Monitoring Service (CAMS), namens de Europese Unie uitgevoerd door het Europees Centrum voor Weersverwachtingen op de Middellange Termijn (ECMWF), heeft sinds begin juni de uitstoot en de activiteit gemonitord van meer dan 100 natuurbranden in de poolcirkel, meer bepaald in de Siberische Republiek Sakha en Alaska.

In vergelijking met de voorgaande 17 jaar zijn de natuurbranden die in juni in de regio woedden van ongekende omvang en duur. Bovendien hebben branden in de eerste 14 dagen van juli al ongeveer 31 megaton CO₂ uitgestoten. Branden in Siberië en Alberta (Canada) waren dit jaar de grootste tot nu toe. In mei werd de omvang van de brand in Chuckegg Creek in Alberta geschat op meer dan 300.000 hectare.

Los van het feit dat natuurbranden natuurgebieden kunnen vernietigen en levens kunnen bedreigen, vormt ook de rook een ernstig gezondheidsrisico. Niet alleen dicht bij de brandhaard, maar ook verder weg, doordat de wind de rookdeeltjes over honderden of zelfs duizenden kilometers kan transporteren. Zeer felle natuurbranden komen steeds vaker voor. Dat heeft deels te maken met extreem weer door klimaatverandering, waarbij warme en droge omstandigheden een van de grootste risicofactoren zijn. Daarnaast zijn natuurbranden verantwoordelijk voor een veel grotere luchtverontreiniging dan de industrieën, omdat ze een combinatie produceren van deeltjes, koolstofmonoxide en andere verontreinigende stoffen.

Officieel duurt het boreale natuurbrandenseizoen van mei tot oktober, met piekactiviteit tussen juli en augustus. Tijdens branden in bijvoorbeeld Canada heeft CAMS rook waargenomen die in slechts enkele dagen over de Atlantische Oceaan Europa bereikte.

CAMS volgt wereldwijd natuurbranden en maakt een inschatting van de uitstoot die ze veroorzaken met behulp van satellieten en in-situ gegevens. De geschatte emissies worden gecombineerd met het weersvoorspellingssysteem van ECMWF, dat het transport en de samenstelling van luchtverontreinigende stoffen nabootst en zo kan voorspellen hoe de wereldwijde luchtkwaliteit tot vijf dagen vooruit zal worden beïnvloed.

“We houden de intensiteit van de branden en de rook die ze uitstoten nauwlettend in de gaten”, zegt Mark Parrington, Senior Scientist bij de Copernicus Atmosphere Monitoring Service. “We weten dat de temperaturen in het noordpoolgebied sneller zijn gestegen dan het mondiale gemiddelde en dat warmer en droger weer zorgen dat branden zich gemakkelijker uitbreiden. Gegevens uit ons Global Fire Assimilation System laten zien dat branden in de poolcirkel doorgaans plaatsvinden in juli en augustus, dus het is ongewoon om branden van deze omvang en duur al in juni te zien. Onze monitoring is belangrijk in het kader van het bewustzijn van de grote impact van bosbranden en rookemissies; met onze rapporten willen we organisaties, bedrijven en individuen helpen om plannen te maken om de gevolgen van luchtverontreiniging het hoofd te bieden.

Meer informatie is te vinden op: https://atmosphere.copernicus.eu/cams-monitors-unprecedented-wildfires-arctic